maandag 18 september 2017

Henry Jenkins

Henry Jenkins maakt een mooi punt in het essay 'death-defying heroes' in The Wow Factor. De fascinatie voor het verleden, en de nostalgie die het 'stripofiele' discourse doordrenkt zou je ook kunnen koppelen aan eigenschappen van het medium zelf. Niet alleen 'verruimtelijkt' de strip tijd (waardoor het per definitie het medium van de stagnatie en de 'arrested development is') maar de 'iteratieve structuur' (zoals Eco het noemt), waarbij elk nieuw verhaal 'opnieuw' lijkt te beginnen, en 'echt' tijdsverloop (veroudering etc) niet mogelijk is heeft nostalgie in zich verankerd.

Jenkins schrijft: "One could understand the reading of comics as entering into a psychological space that similarly denies death and mortality, that encourages a nostalgic return to origins.' (66)

vrijdag 15 september 2017

Binky Brown

Binky Brown meets the Holy Virgin Mary van Justin Green is (misschien met Wimmen's Comix) wel de 'oertekst' van de Amerikaanse grafische roman. Meer dan Eisner's A Contract with God werd het het model waar latere grafische romans zich naar modelleerden. Waar Eisner's tekst weliswaar autobiografische elementen bevatte, lijkt de tekst toch veeleer een kafka-eske fabel. Het is, zeg, getekend in de derde persoon. Binky daarentegen lijkt bijna een ego-document. De affectieve impact van het hele boek ligt hem in het feit dat de protagonist, verteller en tekenaar dezelfde persoon zijn, en dat de plaatjes daardoor zinderen van spanning. Het is een zelfonderzoek: vol zelfwalging en genante taferelen. Masturbatie is een sleutelmotief.

Daarnaast introduceert het een stijl die ik 'vulgaire zelfreflexiviteit' zou willen noemen (naar het idee van 'vulgair modernisme'): de strip verwijst naar zichzelf, maar niet naar zijn 'constructie,' maar naar zijn ontstaansgeschiedenis in navelstaarderij. Het boek vertelt het verhaal van een 'psychoseksuele' ontwikkeling die gestoord of 'gevormd' wordt door beelden. In dit geval zijn het geen stripplaatjes (zoals bij Wertham) maar religieuze afbeeldingen. De intensiteit en libidineuze bezetting van die beelden keert terug in het niveau van de tekeningen zelf, die allemaal te vol, te krasserig en te intens zijn.

Daarnaast zit het vol met impliciete verwijzingen naar de mythe van de superheld: het gaat over speciale krachten, geheime identiteiten etc. (Dit keert bij Ware en Clowes terug).


strips en psychoanalyse!

Psychoanalyse en Strips

Op 5 en 7 oktober organiseert Museum het Dolhuys in samenwerking met de Nederlandse Vereniging voor Psychoanalyse in Haarlem twee dagen die in het teken staan van de relatie tussen Psychoanalyse en Strips.

Op donderdag 5 oktober zal in de avond een mini-symposium worden gehouden over strips, psychoanalyse en kindertijd. Literatuurwetenschapper Yasco Horsman (Universiteit Leiden), Psychoanalytica Sacha Marlisa  en Tekenaar Joost Swarte zullen spreken over stripgezinnen, stripkinderen, en dromen en herinneringen in strip en psychoanalyse.

Op zaterdag de 7de zal het Dolhuys de hele dag in het teken staan van psychoanalyse en strips. Bezoekers kunnen deelnemen aan analytische tekensessies, mini-analyses, en aan een reeks expert meetings met o.a. tekenaars Marcel Ruijters en Aimee de Jongh, Stripwetenschappers Rik Spanjers (UvA) en Erin La Cour (VU) en stripjournalist Joost Pollmann (De Volkskrant). De dag wordt afgesloten met een gesprek  tussen psychoanalytica Simone Logtenberg en tekenaar Peter de Wit (Sigmund).



Voor meer informatie zie: symposium en psychoanalyse in beeld